DONUT : wat is het ?
De sociale ondergrens waar iedereen boven zou moeten blijven, is de binnencirkel van onze Donut. De diverse dimensies van de fundamentele mensenrechten (die met name de door de Verenigde Naties aangenomen duurzame ontwikkelingsdoelstellingen uitmaken) vormen die sociale ondergrens. Die bevrediging van de menselijke behoeften mag evenwel niet ten koste gaan van de natuurlijke rijkdommen van onze planeet. De ecologische bovengrens stemt overeen met de buitenste cirkel van de Donut. Ze is de resultante van de diverse limieten van onze planeet die door het milieuwetenschappelijk onderzoek zijn vastgesteld. Tussen die twee grenzen, in het deeg van de Donut, bevindt zich onze levensvatbare ruimte: de sociaal rechtvaardige en ecologisch veilige ruimte.

Streven naar een regeneratieve en distributieve economie
De eerste stap naar een Donut-economie is de erkenning van de onderlinge samenhang tussen de economie, de maatschappij en de aarde. Als de economie daadwerkelijk ingebed is kan ze ook worden gereorganiseerd volgens principes die er doeltreffender en intrinsieker voor zorgen dat ze binnen de Donut blijft. Die principes zijn regenerativiteit en distributiviteit, die van meet af aan (by design) moeten worden verankerd in de werking van onze economieën.
Vooreerst moet een regeneratieve economie in de plaats komen van ons nog te vaak degeneratieve economieën, die gebaseerd zijn op een lineaire logica ten aanzien van de hulpbronnen: ontginnen – produceren – gebruiken – wegwerpen. Het doel is zowel biologische als technische massa te herstellen in het kader van een economie die zo circulair mogelijk wordt.


Vervolgens is er een distributieve economie, die niet enkel beperkt blijft tot het achteraf herverdelen van inkomsten, maar waarbij naast inkomen ook de rijkdom, de macht, en de tijd van meet af aan worden verdeeld onder actoren. Die verdeling moet worden begrepen in de zin van netwerken, samengesteld uit een verscheidenheid van actoren. Dat zou onze economieën al heel wat veerkrachtiger maken.


De vier lenzen – de uitgerolde Donut
De Donut werd aanvankelijk ontwikkeld op de schaal van de volledige aarde. Bij de toepassing van de Donut vanaf een organisatie of een bepaald grondgebied zoals dat van het Gewest botst de tweedimensionale visie van de Donut (met een onder- en een bovengrens) echter op haar grenzen.
De Donut moet immers worden “opengevouwen”, om rekening te kunnen houden met zowel onze lokale verzuchtingen als onze mondiale verantwoordelijkheid. Concreet resulteert het kruisen van de twee types uitdagingen (sociaal en ecologisch) en de twee schalen (lokaal en globaal) in vier lenzen die samen een globaal kader vormen om de Donut in de praktijk te brengen.
Door op deze manier te werk te gaan, krijgen we een “holistisch” beeld met 4 lenzen. Elkelens analyseert een facet van de algemene vraag: Hoe kan ons gebied/organisatie een plaats van welvaart worden voor de mensen hier en voor zijn omgeving, met respect voor het welzijn van de mensen elders in de wereld en de gezondheid van de planeet?

👓De ‘lokaal-sociale‘ lens onderzoekt de bevrediging van de sociale behoeften en de verwezenlijking van de aspiraties van de bevolking van het gebied. Daarbij wordt de betekenis verduidelijkt die aan elke sociale dimensie moet worden gegeven in het licht van de beschouwde context. De lokale sociale normen zijn immers niet overal identiek.
👓De ‘lokaal-ecologische‘ lens verkent de manieren waarop het gebied — naast het zuiver verminderen van zijn milieueffecten — kan bijdragen tot de natuurlijke cycli, het herstel van de ecosystemen in de directe omgeving.
👓De ‘globaal-ecologische‘ lens is gericht op het aandeel van het gebied in de verantwoordelijkheid voor de mondiale milieueffecten en wil bepalen of dat overeenstemt met het billijke aandeel in de hulpbronnen en de ecologische draagkracht van de planeet.
👓De ‘globaal-sociale‘ lens ten slotte nodigt uit om rekening te houden met de effecten die de hier gemaakte keuzes hebben op bevolkingen elders in de wereld. Onze consumptiepatronen hebben namelijk gevolgen voor de bevolkingen die worden ingezet om te produceren of de hulpbronnen te ontginnen die wij nodig hebben.